De wereldbevolking groeit en de landbouwopbrengsten zullen moeten meegroeien om in de toekomst iedereen van eten te kunnen voorzien. Wereldwijd zijn vele stukken potentiële landbouwgebieden die nu nog onbenut worden, maar in Nederland zal een de oplossing vooral gezocht moeten worden in een hogere opbrengst per hectare landbouwgrond. Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk, want hoe kunnen we de opbrengst van onze landbouwgebieden nog verder verhogen?

Een manier om dat te doen is door gebruik te maken van precisielandbouw. Precisielandbouw houdt in dat door gebruik te maken van locatiebepaling precies bekend is waar elk individueel plantje staat op een stuk landbouwgrond. Meer informatie over de manier waarop de locatie bepaald wordt kun je vinden in het artikel ‘GPS op koers’.

Door elke plant en elke plek op het veld zorgvuldig te observeren kan er gezorgd worden dat elke plant krijgt wat nodig is, wat net kan verschillen van de plant ernaast. Bij klassieke landbouw wordt die behoefte per veld bepaald en is daardoor een stuk minder nauwkeurig. Hierdoor wordt er vaak teveel aan pesticiden en kunstmest gebruikt. Dat overschot wordt door precisielandbouw beperkt, wat beter is voor het gewas, het milieu en voor de portemonnee van de boer.

Het poten van een gewas

Het proces van precisielandbouw begint al bij het poten. Door middel van nauwkeurige GPS-locatiebepaling kan een landbouwmachine een stuk nauwkeuriger tussen rijen gewassen door rijden. Een zogenaamd ‘rechtrijsysteem’ kan de boer assisteren om zo recht mogelijk over de banen tussen de gewassen te rijden. Daardoor wordt de kans dat de boer over de gewassen heen rijdt kleiner en kunnen de gewassen dichter bij elkaar staan. Bij het poten houdt de machine bovendien rekening met de ruimte die de planten nodig hebben om te groeien. Hij plaatst bijvoorbeeld exact om de 20 cm een zaadje in de grond en bemest vervolgens heel specifiek dat ene plantje. Het zal je misschien verbazen dat de transitie naar het gebruik van rechtrijsystemen en locatiebepaling per plant door de veel boeren al is gemaakt.

Door middel van GPS is het mogelijk om de locatie van planten te weten en tussen de rijen door te rijden. Bron: Derk Gesink

Precisielandbouw 2.0

De volgende stap in precisielandbouw is het zorgvuldig monitoren van grond en gewas. Op die manier kan er nog zorgvuldiger gezorgd worden voor elke individuele plant. Het monitoren van de plant en van de grond gebeurt met sensoren. Ook wordt gebruik gemaakt van satellietafbeeldingen en van luchtfoto’s die door kleine drones of door een vliegtuig worden gemaakt. De data die uit de observaties komt kan worden geanalyseerd door computers die conclusies aan de data verbinden. De uitkomst geeft een veel beter en preciezer beeld van de gezondheid van grond en plant dan het menselijk oog zou kunnen meten. Dit proces van observeren wordt ook wel precisielandbouw 2.0 genoemd. Precisielandbouw 2.0 is in tegenstelling tot de eerdere vorm van precisielandbouw nog niet gangbaar. Er zijn drie belangrijke redenen te noemen waardoor het nog niet breed toe wordt gepast, welke hieronder worden toegelicht.

Ten eerste zijn de sensorbeelden die gemaakt kunnen worden nog maar beperkt bruikbaar. De programma’s die conclusies aan de data verbinden werken met modellen en algoritmen, maar omdat de technologie nog relatief nieuw is zijn die regels verre van feilloos. Naarmate de tijd vordert zullen de programma’s en de programmeurs leren van gemaakte fouten, waardoor de betrouwbaarheid van de programma’s omhoog gaat. Daarnaast zijn er verschillende systemen in omloop, wat data-uitwisselbaarheid tussen boeren beperkt.

Ten tweede is er een gebrek aan ICT-infrastructuur. Veel boerderijen liggen in rurale gebieden en hebben dan ook te maken met de zogenaamde Rural-Penalty. De Rural-Penalty houdt in dat de grond op het platteland relatief goedkoop is, maar voorzieningen als internet worden minder snel aangelegd omdat er minder afnemers zijn dan in stedelijke gebieden. Helaas is voor precisielandbouw 2.0 een goede internetverbinding vereist omdat veelal gebruik wordt gemaakt van dataslurpende, hoge-resolutieafbeeldingen.

De laatste reden is de gebrekkige kennis over precisielandbouw. Boeren zijn nog niet zeker van het nut van precisielandbouw 2.0 afgezet tegen de vaak hoge kosten. Voorlichting op dit gebied zorgt ervoor dat boeren zich steeds beter bewust worden van de financiële en praktische voordelen van de nieuwe technologie.

Conclusie

Zodra precisielandbouw nog breder wordt omarmd door boeren zal de opbrengst van de Nederlandse landbouwgrond verder groeien, terwijl er minder kunstmest en pesticiden gebruikt hoeven te worden. Door per plant te bepalen wat nodig is, wordt namelijk minder kunstmest en pesticide verspild omdat het grootste deel wordt opgenomen door de planten. Het gedeelte dat in de bodem (en daarmee in het grondwater/oppervlaktewater) wegvloeit wordt verminderd, wat beter is voor de grond en de waterkwaliteit. De agricultuur in Nederland raakt elke inwoner. Daarom is het belangrijk dat er meer kennis komt op dit gebied en er meer voorlichting over komt bij boeren, maar ook bij de andere burgers.

DELEN
Vorig artikelGPS op koers
Volgend artikelInterview: op eigen bodem slim pootaardappelen telen

Bart-Peter Smit
Bart-Peter is a third year Human Geography student. His curiosity causes him to explore a lot of subjects. He switched to Human Geography after he had done one year of Artificial Intelligence. Combining his broad range of interests is what drives him in what he does, like organizing lectures with the lecture committee, organizing excursions with the excursion committee, doing research with Collectiv Kreativ and naturally writing for and being chief editor of Girugten. Topics he especially likes are Geographic Information Systems and technical innovations in spatial sciences. Bart-Peter began writing for Girugten during his first year Human Geography in 2016.