De magie van IJslandse muziek

2814

Voordat ik met mijn uitleg begin wil ik één ding duidelijk maken. Ik heb een lichte obsessie voor IJsland. Daar waar sommige mensen van chocolade, skiën, Star Trek of de plaatselijke voetbalclub houden, kun je bij mij IJsland neerzetten. Dit zal er waarschijnlijk voor zorgen dat dit een ode aan IJsland wordt, en dat neem ik maar voor lief.

IJsland is klein, heel klein. Niet qua oppervlakte, niet qua bekendheid, niet qua productie van cultuur. Niet qua natuurwonderen of magische plaatsen of inspiratie. IJsland is klein wat bevolking betreft. Een landje met 320,000 inwoners, net zoveel als Utrecht. Een land waar schapen in grotere aantallen rondlopen dan mensen. Desondanks heeft IJsland een enorme creatieve output. Éénop de tien IJslanders heeft bijvoorbeeld een boek gepubliceerd. Hoe kan het dat deze ijzige rots in de Atlantische Oceaan toch zo veel te bieden heeft?

IJslanders staan bekend om hun muziek. Naast grote internationale acts als Björk en Sigur Rós stromen nieuwe bandjes, duo’s en componisten het Europese vasteland binnen. De vrolijke pop/folkmuziek van Of Monsters And Men kan menig Nederlander meezingen. IJslandse componist Ólafur Arnalds, die naast eigen werk ook soundtracks voor films en series componeert, heeft zojuist zijn Europese theatertour afgerond. En Eurosonic-Noorderslag van dit jaar stond volledig in het teken van IJslandse muziek. Om de vergelijking met Utrecht nog maar eens te maken, veel verder dan Kensington kom ik niet.


 

Live performance van Sigur Rós in IJsland. Een perfecte samenkomst van het landschap en haar muzikanten.


 

Het is wonderbaarlijk dat IJslandse artiesten zo vaak internationaal doorbreken. Misschien komt het door de levendige muziekcultuur in hoofdstad Reykjavík. In de vele cafés wordt elke avond live muziek gespeeld door lokale artiesten. Van Beatles covers tot eigenzinnige elektronische muziek, alles komt langs. Het lijkt wel alsof elke IJslander in een band zit. Of twee bands. Of drie.

”Door een enkele lange toon kun je de lege vlaktes waarin de muzikanten zijn opgegroeid bijna zien”

Wat IJslandse muziek voor mij zo bijzonder maakt is het eigen geluid dat het leeuwendeel van de bands produceert. Een geluid dat sterk doet denken aan het IJslandse landschap. Neem de muziek van Samaris. Pulserende elektronische muziek waarin een klarinet een gevoel van eenzaamheid en leegte over je heen giet. Muziek waarin je het stukslaan van de golven op de kust bijna kunt horen. Terwijl de spookachtige zang van Jófríður Ákadóttir je meeneemt op reis door oude IJslandse verhalen. De teksten zijn immers afkomstig van gedichten van honderden jaren oud. Andere voorbeelden zijn te vinden in de muziek van post-rockband Sigur Rós of techno duo Kiasmos. Door een enkele lange toon kun je de lege vlaktes waarin de muzikanten zijn opgegroeid bijna zien.


 

Live optreden van Samaris in een energiecentrale. Mix van elektronische geluiden en klarinet.


 

In interviews met artiesten komt de oorzaak van al dat creatieve succes veel naar voren. Waar velen het over eens zijn is dat het IJslandse landschap een grote rol speelt in de productie van muziek en andere vormen van cultuur. Doordat de bevolkingsdichtheid laag is, zijn de IJslanders op hun eigen vermaak aangewezen. Het maken van muziek, of het schrijven van bijvoorbeeld een boek, is simpelweg een manier om de verveling te bestrijden. En omdat IJsland zo afgelegen ligt is er een eigen muziekcultuur ontstaan, die niet alleen leent van de Amerikaanse of Europese artiesten. Met Reykjavík als creativiteitscentrum en springplank.

Over de exacte hoe van de IJslandse creativiteit kan alleen maar gegist worden. Een directe verklaring is er niet te vinden. Ik zie het als een reflectie van de magie van het landschap, met zijn geisers, gletsjers en eindeloze vlakten. En als je goed luistert naar de vele bands kun je een kleine splinter van die magie meebeleven.

DELEN
Vorig artikelWegromantiek
Volgend artikelGeschiedenis van de Geografie: De Oudheid

Redacteur Naast zijn fascinatie voor reizen en Amerikaanse literatuur uit de jaren ’50 houdt Thijs ook gewoon van een lekkere zak chips. Hij schrijft veel vanuit eigen perspectief op de te bespreken problemen en oplossingen in de wereld. Daarnaast is Thijs geinterreseerd in toerisme, regionale economische ontwikkelingen en grensoverschreidende problematiek.